close
  • maandag 6 april
Algemeen

25 en 26 februari 1941: Februaristaking

25 en 26 februari 1941: Februaristaking

In 2020 herdenken we het einde van de Tweede Wereldoorlog, 75 jaar geleden. We vieren dat we weer in vrijheid leven en staan stil bij het besef hoe belangrijk het is om die vrijheid aan de volgende generaties door te geven. Het is een periode van denken aan de toekomst, maar ook van terugkijken naar wat geweest is aan de hand van verhalen over de oorlog. Eén van die verhalen is de Februaristaking die vandaag precies 79 jaar geleden plaatsvond.

De Februaristaking was een unieke gebeurtenis, omdat het het enige moment was waarop Nederlanders massaal in opstand kwamen tegen de steeds strengere maatregelen die werden ingevoerd om de vrijheid van de Joden in te perken. Ze mochten niet meer overal komen. Openbare gebouwen en zwembaden waren ineens verboden terrein. Winkels en cafés moesten verplicht bordjes ophangen met ‘Voor Joden verboden’. De maat was vol.

Laatste openbare uiting van onvrede

In geen andere land heeft zo’n publiek protest plaatsgevonden. Omdat de Duitsers, maar ook de Nederlandse NSB de staking hard de kop in drukte, was het ook de laatste openbare uiting van onvrede. Er vielen negen doden en twintig mensen raakten gewond. Een kleine groep bleef ondergronds verzet voeren, maar de meeste Nederlanders hielden zich na dit voorval koest.

Veel onrust

Voorafgaand aan de Februaristaking waren er met name in de grote steden al meerdere keren vechtpartijen uitgebroken tussen Nederlanders en de antisemitische leden van de WA, de paramilitaire organisatie van de NSB en de Nationale Jeugdstorm. Beide sympathiseerden met de Duitsers en provoceerden de rest van de bevolking onder andere door huizen en cafés binnen te dringen, ramen in te gooien en de inventaris te vernielen. Het leidde tot knokpartijen en onrust.

Vechtpartijen

Op 9 februari 1941 braken er voor de tweede keer grote massale vechtpartijen uit op het Rembrandtplein, niet ver van de Joodse wijk in Amsterdam. Joodse jongens raakten slaags met de WA’ers. Twee dagen later raakte de Amsterdamse NSB’er Hendrik Koot bij gevechten zo gewond dat hij later aan die verwondingen overleed en op 19 februari liep een patrouille van de Ordnungspolizei in een hinderlaag in IJssalon Koco. Een agent kreeg ammoniakgas in zijn gezicht gespoten. Beide voorvallen werden, behoorlijk aangedikt, gerapporteerd bij SS-leider Heinrich Himmler.

Keihard antwoord en oproep tot staking

Het antwoord van de Duitsers was keihard. Ze waren er niet van gediend dat de bevolking zich verzette en terugvocht. Op 22 en 23 februari werden 425 Joods mannen tussen de twintig en vijfendertig jaar tijdens een razzia op het Waterlooplein met geweld opgepakt en afgevoerd naar een kamp. De Amsterdammers waren geschokt en er werd opgeroepen tot een staking. Via een manifest dat in de vroege ochtend werd verspreid werden arbeiders van verschillende bedrijven opgeroepen om te staken op 25 februari. Er werd massaal gehoor aan gegeven. Tienduizenden Amsterdammers legden het werk neer en gingen de straat op om te demonstreren tegen de bezetter. Trams werden geblokkeerd, bedrijven sloten de deuren en scholieren verlieten hun lokalen. De staking sloeg een dag later over naar andere plaatsen in Nederland, zoals Haarlem, Utrecht en Hilversum.

Hoge boetes

De Duitsers lieten dit niet over hun kant gaan en grepen stevig in. Zeven stakingsleiders werden doodgeschoten, er waren talloze gewonden en stakers werden gevangen genomen. Na de staking moesten de deelnemende steden hoge boetes betalen. Amsterdam maar liefst 15 miljoen gulden.

Dokwerker

De Februaristaking heeft alle gruwelijkheden die volgden niet tegen kunnen houden. Toch was het een bijzonder protest. Het beeld ‘De Dokwerker’ van een stakende havenarbeider dat in Amsterdam staat symboliseert het verzet van de gewone man tegen de bezetter. Bij dit beeld van Mari Andriessen, vindt ieder jaar een herdenking plaats van de Februaristaking.

.

Bron: Historiek, Vandaag in de Geschiedenis, Verzetsmuseum

Hoofdfoto: Rob Croes / Anefo Wikimedia

Geschreven door: Boukje Wiersma