close
  • maandag 13 juli
Wonen

Verdwerging van het huis of verreuzing van het interieur

Verdwerging van het huis of verreuzing van het interieur

Lidwien schrijft regelmatig over ‘wonen’ vanuit bijzondere invalshoeken. Lees maar…

BLOG – Ik loop een straat door. Aan de overkant een tuin aangelicht met glazen bollen, een kabbelend fonteintje en de voorpui afgedekt met vlinders en zonnebloemen. In mijn hoofd hoor ik de stem: ‘De manier waarop een plek is ingericht heeft invloed op de mens. Het ervaren van je leefomgeving is een bewustzijnsproces en een nieuwe uitdaging. Hoe krijg je dynamiek in je huis, en waar rust. Wat doet kleur en geur. De zintuigen voegen een factor toe die niet te onderschatten is. Duurzame en eerlijke producten zijn als de langzame suikers en gezonde vezels in de voeding.’

Had ik me maar niet verdiept in ‘Healthy Ageing’, een bijlage bij de krant met volop artikelen over gezond ouder worden, dan was mijn brein waarschijnlijk niet zo op hol geslagen. Bijna dagelijks doe ik een wandeling. Dat is goed voor lichaam en geest. Maar deze keer is tijdens mijn wandeling ergens in mijn prefrontale cortex een goeroe opgestaan. Wanneer ik zo nu en dan onschuldig mijn blik over een vensterbank naar binnen werp, begint zij spontaan te spreken.

‘Vergeet nooit dat wonen een leven lang ontwikkelen is. Gezond wonen heet veranderen. ‘Healthy Ageing’ voor de woning moet de aandacht krijgen die het verdient. Een afgebakend gebied waar mensen langer gezonder en gelukkiger leven, een ‘Bleu Zone’ op je eigen adres.’ Dit alles klinkt door mij heen en is niet te stoppen. Het lijkt erop dat ergens kortsluiting in mijn hersenen is ontstaan. De nieuwe inzichten over gezond ouder worden, die ik net gelezen heb, worden in mijn hoofd zonder schroom aan ‘wonen’ gekoppeld.

Zie de slagschaduw van goedbedoelde wanhoop-cadeau’s die overmatig vensterbank en muren vervuilen

Ik sla een volgende straat in en, hoe onvoorzichtig, voordat ik het gevaar voel aankomen, kijk ik per ongeluk door het raam op de hoek. En ja, vanuit de bovenkamer word ik ongevraagd verder voorgelicht. ‘Hier een huis, met in het zicht de slagschaduw van vakantiereizen, de meegebrachte souvenirs en goedbedoelde wanhoop-cadeau’s die overmatig vensterbank en muren vervuilen. Zieke huizen. Ze zijn er.’

Verderop in de straat een erker met een mastodont van een plantenzuil. Het soort dat geschikt is voor een hal van een verzekeringskantoor. Een ingelijste zwart- wit foto met de skyline van Manhatten. Eronder een rode gecapitonneerde skai-lederen draaistoel die als enig object museaal vóór in de ruimte geplaatst is en naar alle waarschijnlijkheid uitgevoerd op een staalgeborstelde voet. Twee gloeiend witte barkrukken aan een hoogglans blad in de achterkamer worden aangelicht door een reeks spots.

Hier spreken we van ‘verreuzing’ van het interieur

Dit roerende goed met de allure van een grootstedelijk appartement zit in de huid van een kleine jaren twintig tussenwoning. Niks mis mee, ik ben zonder oordeel, ook als ik een verdwaald playmobielpopje schuin achter het gordijn zie liggen. Maar de stem in mijn hoofd denkt er anders over. ‘Een geval van disbalans’. Hier spreken we van ‘verdwerging’ van het huis. Of juist ‘ verreuzing’ van het interieur.’

De tuin wordt tot meubelboulevard

Bij het zien van de tuinen in deze straat met meer bank en keuken dan een tuin kan dragen neemt haar standpunt en stem fanatische vormen aan. ‘Aangeprezen en in de mode, dus niemand denkt aan onderhoud en winteropslag, de tuin wordt tot meubelboulevard. Vanwege dolle acties aangeschaft, wordt dit extra-geniet-festival-bij-u-thuis een nieuw walgelijk en ongezond fenomeen’. ‘Zij van boven’ begint door te slaan, en ik begin voor mijn eigen welzijn en geluk te vrezen. Nu stevig doorwandelen en vooral in de looprichting blijven kijken besluit ik, wil ik niet chagrijnig thuiskomen. ‘Ageing’ gaat vanzelf maar voor ‘healthy’ moet je wat doen.

Een eindje verder ruik ik brand. ’Het jonge gezelschap met een gezellige vuurkorf in de tuin. De barbecue aan naast de bank met schapenvachtjes. Buiten is het echte beleven van je leven. Ook in de regen onder het afdak op de veranda van het bijgebouw met een terrasbrander tegen de kille avondlucht’, sist de ‘boze’ cynisch. ‘Olielampjes in gehaakte netten. Het uitzicht op drie meter verder gelegen raampartij van de achterkamer. De maat is vol. Er is geen tuin-groen, of we moeten het hebben van de paar prikkende cactussen al dan niet van kunststof. Alles lijkt op een spullenmarkt des overvloeds. Hier ben ik het met haar, de zure hersenkraakster, eens. Waar zijn de groene tuinen zonder plastic in de straat. Als dit nog langer duurt, wordt wandelen misschien gevaarlijk. Ik begin te rennen. Begrijp opeens dat hardlopen voor de gezondheid zo’n vlucht neemt.

Opgelucht kom ik thuis en steek de sleutel in de deur. Schud buiten mijn hoofd een paar keer flink heen en weer. ‘Ksssst, weg , klerekreng’!, zeg ik in mijzelf. Met de jas nog aan doe ik gauw de gordijnen dicht. Je weet maar nooit wat voor gek er nog langs loopt.

 

 

Geschreven door: Lidwien de Vries