close
  • woensdag 13 november
Camper en Caravans

Lekker positief reisverhaal. Not!

Lekker positief reisverhaal. Not!

Reis mee met Martin en Miriam
Martin en Miriam Lammertink zijn sinds 1989 een setje. Ze wonen samen met dwergteckel Joep en beiden zijn zelfstandig ondernemer. Gezelligheid met vrienden, lekker koken en lachen, daar houden ze van, maar vooral ook van samen reizen. Jaren hadden ze een caravan en daarna kwamen de verre vliegreizen. Tot die eerste camperreis in Amerika. Dat was zo’n geweldige ervaring dat ze gingen dromen van een eigen camper. Die kwam er in 2014, de Lambortinki. De naam is een knipoog naar hun achternaam en het luxe automerk Lamborghini. De eerste korte reizen met hun camper gingen prima en het smaakte naar meer. Scooter achterop en sinds dit jaar gaat Joep ook mee. Inmiddels toeren ze alweer drie jaar regelmatig rond met hun rijdende huis en vanaf nu gaan we Martin en Miriam volgen. We pakken hun reisverhalen op vanaf het begin in 2014 in een wekelijkse blog. Hun reizen zullen ons leiden naar mooie plekken binnen Nederland, maar ook naar Italië, Schotland en San Marino. 

Lindau Am Bodensee – Duitsland

16 september 2015 

Vanmorgen vroeg hebben we besloten om Camping Mario in Caldenazzo te verlaten en door te rijden. We hebben op de navigatie gekeken en denken dat de Bodensee een leuke bestemming is voor nog twee nachten. Het weer lijkt er nog goed te zijn en dus kunnen we het zomergevoel nog even verlengen voordat we naar huis gaan. De herfst tegemoet, als we het thuisfront moeten geloven.

We gaan goedgemutst op pad en de aankomsttijd zal ongeveer 14.00 uur zijn. Eerst nog even langs een grote supermarkt om de koelkast en voedselvoorraden aan te vullen. Binnen een uurtje waren we gepakt en gezakt weer op weg, met alle lekkere dingen waar we van houden aan boord van de Lambortinki. We moesten nog even tanken, zodat we goed door konden rijden. We kwamen erachter dat ik niet via een selfservice tankstation aan brandstof kon komen, aangezien de automaat geen vreemde bankkaarten accepteerden. Dus op naar de pompbediende die ouderwets je auto afvult. De nog krasse man was inmiddels tachtig jaar, maar kon volgens hem door alle corrupte Italiaanse politici en de dure Europese regelingen nog steeds niet met pensioen. Hoe meer hij aan het praten was, hoe bozer hij werd. Hij verontschuldigde zich voor de dure brandstofprijzen en voor de kosten die hij in rekening moest brengen. Het was tanken zoals in de jaren zeventig uit de vorige eeuw. Een pompbediende; hier nog heel normaal.

Het hele bedrag op

Het negatieve verhaal van de beste man werkte de hele dag door. Het zat vandaag niet mee. Er is niets ergs gebeurd, maar het was echt zo’n dag dat alles tegen zat en we gefrustreerd waren over een aantal zaken. Onderweg op de snelweg richting Oostenrijk liep alles nog op rolletjes. Niets aan de hand. We volgden de borden Brennerpas en tot aan de Oostenrijkse grens ging alles lekker. Allereerst moesten we onze GO-box voor Oostenrijk weer opladen. Dit digitale boxje is gekoppeld aan je auto en je moet deze kluis eerst vullen met saldo om je tol te kunnen betalen. Minimaal € 75,00. Dit bedrag waren we alleen al kwijt op de heenreis. Nog geen 200 kilometer gereden en het hele bedrag op. Wij gingen bij het tankstation het kastje opwaarderen voor het minimumbedrag. Dat moest volgens ons wel voldoende zijn om Oostenrijk door te komen. Toen we wilden wegrijden kwamen we in een rij te staan met allemaal vrachtwagens. Die werden bij de grens gecontroleerd op asielzoekers en zodoende stonden we een tijdje stil voordat we weer de snelweg op konden.

Door het groene joedelahitee Oostenrijk

Na een kilometer of vijftig hoorden we ineens vier piepjes als we een tolpoortje passeerden. Normaal is het één piep en dat is het signaal dat de incassering van het geld prima is verlopen. Nu dus vier piepjes. We gingen opzoeken wat dat betekende en het bleek dat er geen geld meer geïncasseerd kon worden van onze Go-Box. Je moet je dan melden bij het eerste tankstation om je box te laten uitlezen en om je achterstallige betalingen te betalen. Wat bleek; de € 75,00 saldo was na vijftig kilometer al op en ik moest nog eens twintig euro bijbetalen. De rest van de rit door Oostenrijk bedroeg nog zeventig kilometer en daarvoor moesten we in totaal honderddertig euro opwaarderen. Reken even mee: dat was dus een doorrijdretourtje door het groene joedelahitee Oostenrijk voor een totaalbedrag van tweehondervijftig euro aan tol! En wat betaal je als je er met je personenauto doorheen rijdt? Een tientje. Omdat wij een camper hebben zwaarder dan 3500 kg en een drie-asser betalen we zoveel. Dure hobby dat Oostenrijk. Een tegenvaller dus.

Tunnel

Bijgekomen van de schrik gingen we weer op pad en we kregen meteen te maken met een wegomlegging. We moesten de Arlbergpas nemen in plaats van de tunnel. Nou, dat was met ons oude besje op zes wielen en 110 PK geen feest kan ik jullie zeggen. De Lambortinki had het er druk mee en moest de hele weg naar boven de berg op in de eerste versnelling rijden. Veel toeren en zwarte rook uit de uitlaat. Ik had weinig vrienden achter mij rijden deze trip. Op een bepaald moment werden er steeds meer auto’s beperkt door ons campertje, dus ik dacht, ik stop even op een passeerhaven om al die auto’s voorbij te laten. Galant als we zijn.

Rook, heel veel rook

Had ik dat maar niet gedaan, want de Lambortinki kon niet meer weg komen en er was rook, heel veel rook. Ik dacht dat de koppakking eruit lag of zo (klinkt wel goed hè, zo’n technische diagnose, terwijl ik er geen bal verstand van heb). We kwamen niet weg. Toen er even geen auto’s meer aankwamen heb ik de camper met veel toeren in de eerste versnelling laten wegrijden en na een tijdje kwam ie meer en meer in beweging en kon ik zowaar nog iets versnellen. Toen na een paar bochten uiteindelijk de afdaling begon, ging het weer als vanouds. Alleen hadden we het gevoel dat we de omleidingborden hadden gemist. Toch maar gewoon deze pas blijven volgen en we zouden wel zien. Uiteindelijk kwamen we weer op de oorspronkelijke weg uit en konden we in tempo door. Het voordeel van deze pas was wel dat ie werkelijk prachtig was om te zien. Wat een vergezichten met bergen en dorpjes en we hebben zelfs nog gletsjers gezien.

Bergtoppen

Doorrijden tot Lindau duurde wat langer dan gepland, dus we waren al wat chagrijnig geworden. Dit soort lange reisdagen zien we niet echt als vakantie. We zijn het liefst rond twee uur op een camping om dan in alle rust het dorpje en de omgeving nog te kunnen bekijken. Dit ging vandaag niet lukken. Toen we uiteindelijk in Lindau waren aangekomen, hadden we een camping gevonden die direct aan de Bodensee lag. Maar die bleek volgeboekt. We moesten dus verder zoeken om plek te vinden. Ook de camperplaatsen waren overal tjokvol. We zijn doorgereden naar een volgend dorp en daar op een vakantieresort (lees: erg massaal) gaan staan, voor één nacht. We waren allebei gaar en bloedchagrijnig, dus we gingen maar even niet met elkaar in gesprek en gaven elkaar even de tijd om bij te komen. Toen Miriam om half vijf onze lunch maakte, zag het er niet naar uit dat we ’s avonds nog zouden gaan eten. Wel hebben we nog even een biertje gepakt bij de Stube om daarna weer terug te gaan naar ons huisje. Morgen hopelijk een betere dag.

We hebben besloten dat we sowieso maar tot uiterlijk twee uur gaan rijden en dat het niet uitmaakt hoe ver we dan zijn. Gewoon stoppen na vier á vijf uur rijden. Veel relaxter. Gaan we doen dus. Morgen zakken we verder af vanuit zuiden naar het noorden, richting ons stenen huis.

 

Geschreven door: Redactie